“Wethouders en fractievoorzitters treden af, de enige stabiele factor is de burgemeester. Je weet werkelijk niet wat je meemaakt.”
Dit zegt Harry Groen, burgemeester van Noordwijk, in de Telegraaf van dinsdag 3 augustus 2004. (betaalde toegang) “Hij kwam in Amsterdam ontspannen, na alle turbulentie in zijn gemeente”, aldus de verslaggever. Het betrof het Ajax-toernooi in de Arena van het weekend daarvoor. Groen mocht op de foto met prins Pieter-Christiaan van Vollenhoven.
Zo uit de burgemeester zich buiten zijn gemeente, in hem bekende societykringen. Die zijn niet op de hoogte van, noch geïnteresseerd in de feiten. Als je maar lekker maar lekker valt in de kringen waar elkaar kietelen de gewoonte is. En dus kan Groen doen aan ‘beeldvorming’, iets waar hij zelf van zei zo’n hekel aan te hebben waar het gaat om zijn discutabele verleden.
Want het feit wil dat Harry Groen niet in staat is gebleken om de rapportages van malversaties in het gemeente bestuur serieus op te pakken en af te handelen. De vraag is of er zo’n chaos zou zijn ontstaan als Groen niet van begin af aan de zaak had gebagatelliseerd en niet had geprobeerd om zo snel mogelijk de zaak naar het verleden te verwijzen.
Kun je als voorzitter van een bestuur dat wankelt zeggen dat je zelf zo stabiel bent indien je daar zelf leiding aan geeft? Is Groen de leider die kwesties adequaat behandelt of een toeschouwer die ‘werkelijk niet weet wat hij meemaakt’?
Geachte lezer van deze website,
Ik heb het werkelijke genoegen gehad om de heer Harry H.M. Groen ruim 30 jaar mee te maken als mijn hoogse baas. Wat er ook gezegd werd of misschien nog wel wordt gemeld, omtrent de kwaliteiten van de heer Groen, kan ik niet anders zeggen dan dat hij een bekwaam bestuurder is gebleken. Niet alleen een technisch/bestuurlijk bekwame man, maar vooral ook iemand met het hart op de goede plaats. Uiteraard stond bij de heer Groen de commercie voorop en dat was geen overbodige luxe als je zoals Groen de leider bent van een multi-national. Niettemin heb ik hem vooral leren kennen als iemand die pal stond voor zijn ondergeschikten. Dat is een prijzenswaardige eigenschap en ook al is hij niet van mijn politieke signatuur, ik blijf hem als een fijn mens en een begaafd bestuurder zien.
Ik nader inmiddels de 70, derhalve ben ik vrij om te zeggen wat ik vind en behoef ik geen rekening te houden met wiens belangen dan ook en zeker niet wat mijn eigen belang aangaat.